December  2021
Home Nieuws Agenda MaandOverzicht Praktisch Achtergrond
Jaar 2016 Jaar 2017 Jaar 2018 Jaar 2019 Jaar 2020 Jaar 2021 Jaar 2022
Februari 2021
Maart 2021
Mei 2021
Juni 2021
Juli 2021
September 2021
Oktober 2021
November 2021
December 2021

Overzicht Griekse Muziek in December 2021

Alle evenementen afdrukken

Enkel dit evenement afdrukken

Ta Mavra Moura

De Zwarte Bessen komen naar België en Nederland!

Dat is namelijk de vertaling van "Ta Mavra Moura" ("Τα Μαύρα Μούρα"), de naam van het trio dat uit Athene overkomt voor een aantal optredens in de Lage Landen.

Het gaat dan meer bepaald om de bessen van de moerbeiboom, een boom die zowat over de hele wereld voorkomt. Er zijn verschillende soorten, maar de zwarte zijn het lekkerst, vinden de Grieken. Je kan er ook heel veel mee doen: je kan ze gewoon eten als fruit, je kan ze verwerken in taarten en ander gebak, je kan ze inmaken of ze tot jam verwerken, en misschien nog wat andere dingen. Van de bladeren van de mouriá (μουριά), zoals de boom in het Grieks heet, kan je trouwens ook kostbare kleding maken, al heb je daar wel de medewerking van de zijderupsen voor nodig.

De muzikale "Zwarte Bessen" zijn al even veel-zijdig. Zij weven een programma met allerlei soorten muziek, maar het zwaartepunt ligt toch ergens rond het midden van de vorige eeuw. Van daaruit trekken ze dat verder open. Voeg daar enkele decennia aan beide kanten aan toe en dan heb je meteen ook de periode waarin de rembetika tot bloei kwam, en waarin ze gedeeltelijk van haar oosterse roots ontdaan werd om over te gaan in de laïka en vervolgens de endechna . Daarmee zit je dan al snel bij de grote componisten als Mikis Theodorakis en Manos Hadjidakis . Aan het andere uiteinde van de periode heb je dan ook nog de dimotika oftewel de dorpsmuziek, die indertijd met de plattelandsvlucht mee naar de steden kwam maar die toch de hele tijd lang verder bleef floreren, zowel in de dorpen als in de steden. Die loopt er dus zo'n beetje als een rode draad doorheen.

Dat is ongeveer het programma dat je van deze concerten mag verwachten.

De bezetting van het trio vertelt dan de rest van het verhaal. Die ziet er namelijk als volgt uit:

  • Eirini Sgouridou : dwarsfluit, zang
  • Yorgos Goudousakis : bouzouki , zang
  • Yorgís Karrás : gitaar , zang

Het zal meteen duidelijk zijn dat dit geen "standaard" rembetika -trio is. Bouzouki en gitaar , dat is nog tot daar aan toe, maar een dwarsfluit was in die periode alleszins niet gebruikelijk in de taverna 's en muziekclubs van de Griekse steden. In de dorpsmuziek vind je dan weer wel allerlei andere soorten blaasinstrumenten: flogera , zournas en klarinet bijvoorbeeld. Een dwarsfluit is voor dit gamma dus niet helemaal een vreemde eend in de bijt, maar het klinkt toch verrassend anders dan wat je gewend bent.

Ook het feit dat ze alle drie ook zingen is niet meteen ongehoord, maar al evenmin gebruikelijk. In de "standaard" groepjes uit die tijd was er één zanger of zangeres, en de instrumenten moesten die dan begeleiden. De "Mavra Moura" doen dan ook hier dus een beetje anders. Zij gebruiken hun drie stemmen gewoon als evenveel bijkomende muziekinstrumenten.

De - letterlijk en figuurlijk - centrale figuur is de fluitiste Eirini Sgouridou (Ειρήνη Σγουρίδου). Zij werd geboren in Thessaloniki maar groeide op in Kilkís, een stadje van pakweg 20.000 inwoners wat verder naar het noorden. Na de Megali Katastrofi, oftewel de bevolkingsuitwisseling met Turkije en Bulgarije in 1922, vonden heel veel vluchtelingen in die regio een nieuw bestaan. Eirini Sgouridou hoorde dus als klein meisje heel wat verschillende soorten traditionele muziek, bijvoorbeeld van Thraciërs, Vlachen, Sarakatsanen, Pontiërs, ... en natuurlijk ook van de plaatselijke Macedoniërs.

Al die bevolkingsgroepen hebben hun eigen feesten, en daar komen dan nog de feesten in de omliggende dorpen bij, plus de nodige trouwfeesten en dergelijke. Er was dus altijd wel ergens muziek te horen. Er werd natuurlijk ook gedanst, en Eirini deed enthousiast mee. En als er eens een keertje geen feest was, als de mensen gewoon bij elkaar zaten, dan waren er misschien geen muzikanten om voor hen te spelen, maar geen nood, dan zongen ze gewoon zelf. Dat waren niet alleen de traditionele liedjes, maar ook de "nieuwerwetse" dingen, liedjes die ze kenden van op de radio bijvoorbeeld. Op die manier raakte het meisje ook vertrouwd met de "greatest hits" uit de rembetika , de laïka en de endechna .

Ze vond het allemaal heel boeiend en fascinerend. Het vervolg laat zich raden: ze ging muziek studeren, eerst aan de plaatselijke school, later aan het conservatorium. Ze begon met akoestische gitaar, maar al gauw schakelde ze over naar de dwarsfluit. In 2016 behaalde ze daarmee haar diploma aan het Filippos Nakas conservatorium. Voor alle zekerheid zorgde ze toch ook maar voor een diploma publieke en mediarelaties, dat ze behaalde aan de Universiteit van West-Macedonië.

Een overbodige voorzorg, misschien, want ze vond al snel haar weg naar het podium. Ze sloot zich aan bij een hele reeks groepjes. Daar zong ze, of ze speelde fluit, slagwerk of gitaar, al naargelang het uitkwam. Haar belangstelling deinde daarbij ook (nog) verder uit, naar jazz bijvoorbeeld. En improvisatie vond ze ook heel erg boeiend.

Een ander stokpaardje van haar werd het theater, of eigenlijk vooral theatermuziek. Daar wordt in Griekenland inderdaad vaak live muziek voor gebruikt. Haar favoriet zijn opvoeringen van poppentheater - en het is dan misschien geen toeval dat Kilkís het toneel is voor het jaarlijkse "Internationaal Festival voor Poppentheater en Pantomime", een festival waar gezelschappen uit een tiental verschillende landen op af komen. Eirini zorgt in die theatergezelschappen trouwens niet alleen voor de muziek, ze speelt ook zelf met de poppen - op het toneel dan uiteraard.

Als "gewone" muzikante ging ze uiteraard mee op reis met de groepjes waar ze in meewerkte, en zo trad ze op in alle uithoeken van Griekenland. Maar uiteindelijk verhuisde ze dan toch naar Athene, zoals dat zo vaak gebeurt met veelbelovend talent. Zowat de helft van de hele Griekse bevolking woont immers in de hoofdstad, en een professionele muzikant heeft daar dus een enorme afzetmarkt. Nogal wat van haar collega's spartelen als een duivel in een wijwatervat om zich aan die aanzuigkracht te onttrekken, maar Eirini Sgouridou vond het helemaal niet erg. Wel integendeel, want daar leerde ze nieuwe collega's kennen, zowel muzikanten als componisten. Op die manier heeft ze al aan verschillende plaatopnames meegewerkt. En ook het theater liet haar niet los. Ze acteert inmiddels ook zelf.

Het was ook in Athene dat ze in contact kwam met de bouzouki -speler Yorgos Goudousakis (Γιώργος Γουδουσάκης) " en de gitarist Yorgís Karrás (Γιωργής Καρράς), de twee andere "zwarte bessen" die samen met haar "Ta Mavra Moura" op touw zetten, en die nu op stap gaan om het publiek in de Lage Landen van die lekkernij te laten proeven.

Van "proeven" gesproken: ze treden ook op in Antwerpen, maar dat is in een restaurant, in essentie als begeleiding tijdens het eten, en dergelijke optredens nemen we helaas niet op in onze concert-agenda.

Praktische gegevens
Dinsdag 30 november, 20u00, ENTR, Ham 147, 9000 Gent (B)

Gratis inkom.

Meer info en reserveren : https://decentrale.be/nl/entr . Telefoon: +32 (0)9 278 26 99 .

Informatie over eventuele maatregelen i.h.k.v. de corona-pandemie waren daar niet te vinden op 3.9.2021. Hoe dan ook neemt u beter zelf eens een kijkje vlak vóór u naar het concert vertrekt.

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
Donderdag 2 december, 20u00, Art Base, Zandstraat (Rue des Sables) 29, 1000 Brussel (B)

Tickets: € 15,- (normaal tarief), € 10,- (reductietarief voor werklozen en studenten).

Meer informatie en reserveringen: http://www.art-base.be of telefonisch op 02/217 29 20 .

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
Vrijdag 3 december, 20u00, Art Base, Zandstraat (Rue des Sables) 29, 1000 Brussel (B)

Tickets: € 15,- (normaal tarief), € 10,- (reductietarief voor werklozen en studenten).

Meer informatie en reserveringen: http://www.art-base.be of telefonisch op 02/217 29 20 .

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
Zaterdag 4 december, 20u30, Matrix, Mauritsstraat 16, 3012 CJ Rotterdam (NL)

Tickets: € 10,-

Het aantal plaatsen is beperkt, en de voorverkoop gaat enkel online.

Dat kan op hun website : https://www.matrixrotterdam.nl . Daar staat ook meer info over de maatregelen i.v.m. de corona-pandemie die voor dit concert van toepassing zijn.

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
 

Op de site sinds: 03/09/2021

Terug naar het begin van deze pagina.


Enkel dit evenement afdrukken

Kosmokrators

Rembetika in FR/EN/NL/GR

Het programma van de "Kosmokrators" wordt kort en kernachtig omschreven als "Rembetiko FR-EN-NL-GR" en daarmee is meteen alles gezegd.

Zij brengen inderdaad bekende rembetika -liedjes waarop ze hun eigen teksten hebben gemonteerd, onder andere in het Frans, het Engels en het Nederlands. Soms zijn het min of meer letterlijke vertalingen van het Griekse origineel, maar vaak zijn het ook nieuwe teksten, aangepast aan de tijd van nu, maar altijd in de sfeer van toen.

De "echte" rembetes hadden bijvoorbeeld geen tv, en dus ook geen afstandsbediening, maar als ze die wel hadden gehad, en als die stuk zou zijn gegaan, dan hadden ze uiteraard hun miserie van zich afgezongen in een liedje, en de tekst daarvan zou dan precies even wanhopig geklonken hebben als die van de Kosmokrators.

Ook de bezetting van de Kosmokrators vertoont een vergelijkbare continuïteit. De harde kern van de groep bestaat uit:

  • Frans De Clercq : zang en bouzouki
  • Michel (Michalis) Karakatsanis : zang en bouzouki
  • Karsten De Vilder : zang en gitaar
  • Dimi Dumo : zang en percussie

Soms doen zij beroep op gastmuzikanten en/of een gastzangeres, maar voor deze optredens zou dat niet het geval zijn.

Praktische gegevens
Zaterdag 11 december, 20u00, Art Base, Zandstraat (Rue des Sables) 29, 1000 Brussel (B)

Gratis inkom.

Meer informatie en reserveringen: http://www.art-base.be of telefonisch op 02/217 29 20 .

Opmerking: dit concert werd eerst aangekondigd voor 4 december, later (op 16 juli) is het dan verschoven naar 11 december.

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
 

Op de site sinds: 02/09/2021

Terug naar het begin van deze pagina.


Enkel dit evenement afdrukken

Monsieur Doumani

European Tour 2021

"Monsieur Doumani", het Cypriotische trio met de Franse naam en de eigenzinnige muziek, pakt andermaal hun koffers voor een nieuwe "European Tour" .

In hun bagage hebben ze een nieuw album, hun vierde al. Het is zelfs kakelvers, want het verscheen nog maar pas op 10 september 2021. Toch is het niet alleen om dat album voor te stellen dat ze op tournee gaan, en ook niet alleen om hun tiende verjaardag te vieren (ze werden opgericht in 2011), want ze hebben in die tien jaar nog niet veel anders gedaan dan de wereld rondreizen om overal te gaan optreden, met zoveel succes dat ze inmiddels een goedgevulde prijzenkast hebben. Zowat elke onderscheiding die er in het genre "wereldmuziek" te behalen valt, hebben ze ook behaald.

Dat brengt hen natuurlijk op het radarscherm van heel wat zalen waar de programmator al eens over de rand van het doordeweekse aanbod durft kijken. Het publiek vindt dat helemaal niet erg, dat bleek al toen ze de vorige keren in de Lage Landen waren.

Naar aanleiding van hun eerste doortocht in april 2016 schreven we vrij uitgebreid over de beginjaren van de groep, over hun aanpak en hun visie. Dat artikel is nog altijd het nalezen waard.

Toen ze drie jaar nadien weer terugkwamen, schreven we heel uitgebreid over hun derde album, "Angáthin". Dat artikel staat nog altijd op onze april 2019 maandpagina en ook dat is eigenlijk verplichte lectuur om ten volle van het concert te kunnen genieten - alhoewel u zich natuurlijk ook gewoon kunt laten onderdompelen in hun muziek.

Als u dan toch die twee teksten gelezen heeft, dan kunnen we hier volstaan met het aanstippen van de verschillen en de gelijkenissen tussen de tijd van toen en die van nu.

Eén gelijkenis is alvast dat de toekomst van het Akamas schiereiland als natuurgebied nog steeds niet helemaal verzekerd lijkt. De plannen van de projectontwikkelaars lijken voorlopig in de koelkast te zitten, maar wie weet? En ook de toekomst van hun verdeelde vaderland Cyprus zelf lijkt even uitzichtloos als altijd - of misschien nog erger.

Wat de verschillen betreft is er alvast iets dat meteen opvalt als je de groep een beetje kent. Hun samenstelling is namelijk voor één derde gewijzigd. Nu bestaan ze uit:

  • Antonis Antoniou ( Αντώνης Αντωνίου ) : tzouras , elektronica en zang
  • Andys Skordis (Άντης Σκορδής) : gitaar, loops en backing vocals
  • Demetris Yiasemides (Δημήτρης Γιασεμίδης) : trombone, dwarsfluit en zang

De gitarist en mede-oprichter van het trio, Angelos Ionás, verliet inderdaad de groep in 2019. Zijn plaats werd ingenomen door Andys Skordis, die al vaak met hen meegereisd was als sessie-gitarist en die nu full-time bij de band kwam. Hij bracht ook nieuwe ideeën met zich mee, die wonderwel aansloten bij een soort innerlijke drang die de anderen al een tijdje hadden gevoeld om nieuwe wegen te gaan verkennen.

Het resultaat is al te zien in de bezetting: elektronica en loops zijn nieuw voor "Monsieur Doumani". Maar ze gebruiken die bedachtzaam en weloverwogen. Hun nieuwe sound is veel rijker dan vroeger, en ook meer complex. Maar ze hebben er wel hard aan gewerkt om het allemaal overtuigend te laten klinken, voor het publiek uiteraard maar ook voor zichzelf. "Anders wordt het al snel vervelend", zeggen ze.

Hun teksten blijven ontzettend belangrijk, en toch blijven ze zingen in hun moedertaal, het Cypriotisch. Dat is voor het overgrote deel van hun publiek nog meer ontoegankelijk dan het standaard Grieks, en dus zorgen ze voor goede vertalingen en voor wat toelichting. Met onze eigen toelichting willen we daar gewoon wat op anticiperen. Het pad effenen, als het ware.

Licht brengen in de duisternis is echter het laatste wat we willen doen, zeker bij hun nieuwe album. Dat zou immers het hele opzet teniet doen.

Dat album heet namelijk "Pissourin" (Πισσούριν) en in het Cypriotisch betekent dat zoiets als "diepe duisternis". Niet alleen in het Cypriotisch eigenlijk, want ook het "standaard Grieks" kent het woord "πίσσα" (pissa). En nee, daar wordt geen Italiaans gerecht mee bedoeld - tenzij het te lang in de oven heeft gestaan, want "πίσσα" is pek of teer, en bij uitbreiding betekent het dus ook "zwart, donker". Enige gelijkenis met het Nederlandse "pikdonker" is niet louter toevallig, want ook dat woord zou op dezelfde Indo-Europese stam teruggaan. Zeker is dat niet, maar wel zeker is dat "pissourin" op Cyprus gebruikt wordt om de diepe duisternis in het holst van de nacht aan te duiden.

Het is die sfeer die "Monsieur Doumani" op dit nieuwe album wil oproepen. In die pikzwarte duisternis, in die schemerzone tussen droom en werkelijkheid, gaan ze op zoek naar de essentie der dingen, naar de betekenis van het leven. Het geeft hen de mogelijkheid om zich los te maken van aardse beslommeringen die overdag hun geest en hun ziel ketenen. Zoals ze het zelf uitdrukken is dat "a chance to leave behind what keeps our mind and soul down and to be able to fly towards freedom and love" .

Die duisternis is wel niet leeg. Je ziet de maan, de sterren en de planeten, en je hoort de rivieren kabbelen. Allemaal dingen die tot de verbeelding spreken. En dan zijn er natuurlijk nog allerlei schepselen die de nacht bevolken: uilen, vleermuizen, ... maar ook de bovennatuurlijke wezens komen dan tevoorschijn. Om het met de titelsong "Pissourin" te zeggen:

Στα πισσούρκα ξημουττίζουν

τζ̆αι σε ξ̆υούσιν

Τες οθόνες σου γυαλλίζουν,

στ’ όρομαν σου ξαγρυπνούσιν

Gelukkig zorgt "Monsieur Doumani", net als bij hun vorige albums, ook nu weer voor een uitstekende Engelse vertaling, en dan wordt dat:

They sneak out in the darkness of night 

and they scratch you

They polish your screens,

they stay awake in your dream

Al die nachtelijke verschijnselen zijn op het album vertegenwoordigd. Een citaat uit "Πούλια" (Poulia, Pleïaden) geeft een goed beeld van de surrealistische sfeer die de liedjes soms uitstralen:

Άφκει η πούλια, πέμπει σινιάλον

στο μαξιλάριν του νου το πλάνον

να με ζαλίσει, να με τζ̆οιμήσει

στην μαύρην τρύπαν να με ρουφήσει

Ξυπνούν τα δαχτύλια τζ̆αι παίζουσιν πιάνον

μες σ’ απροσγείωτον αεροπλάνον

λικνίζουν τα πόθκια, χορεύκουν σάμπες

κότσινoν ρεύμαν τζ̆αι σπάζουσιν λάμπες

Of in het Engels:

The Pleiades turn their lights on, sending a signal 

on my mind’s deceitful pillow

to make me dizzy, to put me to sleep 

to suck me into a black hole

The fingers wake up and play the piano

in a never-landing airplane

the feet sway dancing the samba

in the red current light bulbs shatter

Op die manier gaat het eigenlijk de hele tijd door. Bij daglicht zou je er geen touw aan kunnen vastknopen, maar in de geheimzinnigheid van de duisternis klinkt het ineens allemaal heel gewoon en vanzelfsprekend.

Een rivier die ondersteboven stroomt? Geen probleem als je (droomt dat je) een κουκκουφκιάος (koukkoufkiaos) bent, een uil dus, en je daarom vrij kan bewegen in "dezelfde lucht waarin ook vliegende tapijten varen". Als je dan de sterren ziet flonkeren, dan spring je omhoog, grijpt ze vast en plant ze in je geest. Zo simpel is dat, althans volgens het liedje.

En zo gaat het de hele tijd door. De tracklist leest als een inventaris van nachtelijke verschijnselen. De sterren en de uil hadden we al, maar het album bevat ook vleermuizen en een fee.

Ook Τιριτίχτας (Tiritichtas) en Αστραχάν (Astrahán) zijn ingeblikt. Die zijn respectievelijk de opener en de afsluiter van het album. Geen probleem als u hen niet kent, want zij bestaan alleen in de verbeelding van "Monsieur Doumani" (en hun luisteraars). De eerste bestaat misschien helemaal niet, want het liedje is een soort verslag van allerlei geluiden die ze 's nachts zoal horen, en dan vragen ze zich af waar die vandaan komen. "Άτζ̆απις σου εν ο Τιριτίχτας;" (Atzapis sou en o Tiritichtas), Zou het Tiritichtas kunnen zijn?

Astrahán is duidelijk de naam van een zeemeermin. Die zijn er 's nachts inderdaad ook. Cyprus is een eiland, weet u nog wel? Of misschien is het wel Afroditi, de godin van de liefde, die daar ooit uit het schuim (αφρός) van de golven verrees? Het liedje hoopt in elk geval dat Astrahán gauw terugkomt, want zonder haar is het toch maar erg gewoontjes en dus saai.

Tekst en muziek voor dit liedje werden geschreven door Andys Skordís, de "nieuwe" gitarist van de groep. De muziek voor al de andere liedjes staat op naam van Antonis Antoniou maar volgens hem is het ook hier "band-werk" geweest. Ook bij de vorige albums vertelde hij dat ze een idee voor een nieuw liedje altijd in de groep gooien, en dat ze dan samen aan de slag gaan om het verder uit te werken. Misschien was dat deze keer wat minder het geval, want voor een goed gebruik van hun nieuwe, rijkere instrumentatie moest er eerst goed nagedacht worden over de structuur van de muziek.

De meeste andere teksten zijn, net als de muziek, ook van Antonis Antoniou , maar er is er één die we voor het laatst wilden houden. Die tekst werd geschreven door Marios Epaminondas (Μάριος Επαμεινώνδας), de leraar met belangstelling voor geschiedenis en zelfverklaard "erratic activist" waar we het al uitgebreid over hadden in de bespreking van hun vorige album "Angathin" op onze april 2019 maandpagina .

Hij raakte bevriend met de jongens van "Monsieur Doumani" en om hen te plagen schreef hij enkele gedichten voor hen. Hij daagde hen dan uit om die op muziek te zetten, wat ze prompt deden.

Iets dergelijks gebeurde ook nu weer. Op het einde van een nachtje samen stappen filosofeerde Antonis Antoniou dat je eigenlijk gewoon gek moet zijn om in deze wereld te kunnen floreren. Als ze het goed hadden, dan hadden ze dat te danken aan hun waanzin, beweerde hij. Dat volstond voor Marios Epaminondas om de tekst voor "Καλικάντζ̆αροι" (Kalikandjari) te schrijven. Het kleinste (Griekse of Cypriotische) kind weet wat daarmee bedoeld wordt, en voor de anderen is er nog altijd onze januari 2005 maandpagina , waar we het uitgebreid hadden over deze mythische wezens.

Samengevat zijn de Kallikantzari een soort kwelgeesten die normaal onder de grond leven. Daar knagen ze het hele jaar door aan de wortels van de boom waarop de aarde rust. Tijdens de "Twaalf Dagen", de periode tussen Kerstmis en Driekoningen, mogen ze met vakantie boven de grond. Daar hangen ze dan - als zovele toeristen - eens flink de beest uit. Na Driekoningen moeten ze terug aan het werk, maar tegen die tijd zijn de wortels van de boom weer aangegroeid en kunnen ze van voor af aan beginnen. Tijdens hun vakantie zijn ze vooral 's nachts actief, want als goede ondergronders zijn ze bang van het zonlicht. Ze zijn een beetje gek, en ze zijn gevaarlijk voor mensen die hun pad kruisen. Gelukkig zijn ze niet al te snugger en snelle denkers kunnen hen dus vrij gemakkelijk om de tuin leiden.

In de tekst van het liedje speelt "Monsieur Doumani" natuurlijk de rol van de "gekke" Kallikantzari, en zij zingen:

Εν διούμεν γρόσιν τζ̆’ όπου μας νυχτώσει

Ποιος γρωστεί, ποιος έσ̆ει να πιερώσει;

Φούρνους να πυρώσει πριν να ξημερώσει

Μόνον η πελλάρα θα μας σώσει

In bovengronds Engels wordt dat:

We don’t give a damn, who cares where night finds us

Who’s in debt, and who can pay? 

Let the night stoke up the fire before the day breaks

Only our craziness will save us 

Met andere woorden: laat ons maar gewoon gek zijn, dat doet geen pijn, wel integendeel. Of, zoals ze het zelf uitleggen, "[it is] a way of saying we’ll provoke the system by refusing to be normal" .

Daarmee is het meteen ook de enige tekst op "Pissourin" die een beetje in de buurt komt van de "stekeligheid" van "Angathin", waar ze met scherp schieten op allerlei wantoestanden.

Overigens is er wel iets van aan, van dat "weigeren om normaal te zijn". Je zou inderdaad verwachten dat een groep als "Monsieur Doumani", die toch internationaal steeds meer waardering krijgt, zou overschakelen op Engelse teksten. Dat doen ze dus mooi niet, en - zoals we eerder al schreven - het feit dat ze consequent hun moedertaal blijven gebruiken is op zich ook al een statement.

Dat internationale succes moet je dan eigenlijk wel op rekening schrijven van hun muziek. Die heeft kennelijk voldoende expressieve kracht om ook indruk te maken op een luisteraar die de taal niet kent.

Hun zichtbaarheid zal allicht nog groter worden omdat "Pissourin" uitgebracht wordt door Glitterbeat Records, het relatief jonge Duitse label dat zelf al heel wat deining veroorzaakte op WOMEX en andere kanalen waar programmeurs van wereldmuziek zich informeren. Samen met de indrukwekkende internationale prijzenkast van "Monsieur Doumani" zorgt dat ook nu weer voor een "European Tour" met een duizelingwekkend reisschema. Alleen al in november 2021 staan Oostenrijk, Slovenië, Kroatië, Zwitserland, Denemarken en Zweden op hun programma.

In december doen ze het dan wat kalmer aan: "amper" twee optredens in Nederland en België.

Dat laatste is dan wel met het nodige voorbehoud. Daarom vermelden we alleen wat er op dit moment (13.9.2021) min of meer vast staat, en dat is Leiden.

Er was nog een optreden in Haarlem voorzien, maar door de lockdowns zijn de plannen daar in het water gevallen. Ook de voorspellingen voor Rotterdam zijn niet uitgekomen. Dan blijft (voorlopig?) enkel nog Brussel over. Meer info volgt.

Praktische gegevens
Vrijdag 17 december, 21u00, QBus (De X), Middelstegracht 123, 2312 TV Leiden (NL)

Tickets: € 12,50 in voorverkoop (studenten € 10), € 15 aan de kassa.

Meer info en voorverkoop : https://www.de-x.nl/246/MONSIEUR-DOUMANI .

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
"Psychedelic Night"
Zaterdag 18 december, 21u30 Zaal M, Bozar, Ravensteinstraat 23, 1000 Brussel (B)

Meer details op onze zaalpagina.

Tickets: € 16 (jongeren onder de 30 jaar: € 10).

Dit concert duurt tot ca. 23u, het is dus moeilijk te combineren met dat van Jordi Savall op dezelfde avond maar dan in de Henry Le Boeufzaal.

Na "Monsieur Doumani" komt er trouwens nog een andere groep. Die heet "Compro Oro" en ze speelt van 23u tot 00u30. Met één ticket kunt u wel naar allebei gaan luisteren, maar dus niet jaar Savall.

Al deze concerten zijn een onderdeel van (de eerste editie van) het "See Festival".

Meer info voorverkoop: https://www.bozar.be/nl/calendar?date=18-12-2021 .

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
 

Op de site sinds: 06/09/2021

Terug naar het begin van deze pagina.


Enkel dit evenement afdrukken

"Bal-Kan - Honing en bloed"

Jordi Savall met o.a. Katerina Papadopoulou

Het "See Festival" is een nieuw initiatief van de Brusselse Bozar. Dat festival staat, zo zeggen ze zelf, "in het teken van de bloeiende culturele rijkdom van Zuidoost-Europa".

Voor hun eerste editie pakken ze al meteen uit met een goed gevuld programma. Er zijn bekende en minder bekende namen bij, maar Jordi Savall zit ongetwijfeld in de categorie "bekend", of misschien zelfs "zeer bekend".

Toch is het niet daarom dat we aandacht aan hem besteden op deze website over Griekse muziek. De voornaamste reden daarvoor is dat Katerina Papadopoulou aan dit project meewerkt, en ook zij valt in dezelfde categorie. Daarnaast zijn er nog een heleboel andere elementen die voor een "Greek connection" zorgen. Maar laten we beginnen bij het begin, en dat is Jordi Savall zelf.

Deze Spaans-Catalaanse muzikant, dirigent, componist en onderzoeker houdt zich nu al zowat een halve eeuw lang bezig met "Oude Muziek". In het Engels heet die "early music" en het gaat dan om de Europese muziek vanaf de Middeleeuwen over de Renaissance tot en met de Barok. Samen is dat (veel) meer dan duizend jaar, pakweg van 500 tot 1750.

Die Oude Muziek wordt ook wel omschreven als "het vergeten repertoire", omdat ze afgelost en weggedrukt werd door de westers-klassieke muziek. Rond het midden van de vorige eeuw werd ze herontdekt, maar eenvoudig was dat niet. Men moest gaan spitten in allerlei archieven om er nog sporen van te vinden. Het is dan interessant dat er geprobeerd wordt om ook de uitvoeringstechniek van toen zo goed mogelijk te reconstrueren, inclusief de oude instrumenten met de bijbehorende speelstijl en speeltechnieken. En eigenlijk is ook de tijdsgeest van belang, want muziek ontstaat nu eenmaal niet in het luchtledige.

Jordi Savall (°1941) was één van de pioniers van dat onderzoek, en hij deed en doet dat zo grondig dat hij intussen een stevige reputatie heeft opgebouwd. Eén blik op zijn cv zegt voldoende. Daar staan niet alleen een heleboel prijzen en onderscheidingen en medailles, maar ook een lijst met eredoctoraten: van de universiteiten van Louvain-la-Neuve (BE), Barcelona (ES), Évora (PT), Bazel (CH) en Utrecht (NL). Niet zomaar de eerste de beste muzikant dus.

Toch heeft hij ook als muzikant zijn sporen verdiend. Zijn specialiteit is de viola da gamba . Qua uiterlijk lijkt dat instrument een beetje op een cello of een contrabas, maar er zijn belangrijke verschillen in bouw, vorm en stemming. Ook de speeltechniek is anders, en dat is in dit kader van belang omdat de strijkhouding vergelijkbaar is met die van de Iraanse kemanche. Daarmee hebben we dan een link naar de politiki lyra , de Kretenzische lyra , de Pontische kementzes , de Cappadocische kemanés , de Bulgaarse gadulka en dergelijke.

Dat is allemaal geen toeval, alles hangt aan alles. Dat ondervond ook Jordi Savall. Hij begon zijn speurtocht bij de muziek van zijn geboortestreek, Catalonië. Maar in die periode leefden er daar verschillende bevolkingsgroepen, zoals Joden, Zigeuners en Moren. De weg leidt dan al snel in oostelijke richting, en dan passeer je haast onvermijdelijk op de Balkan, die eeuwenlang een muzikale draaischijf was tussen Oost en West.

Net als Klein Duimpje laat ook Jordi Savall onderweg zijn sporen na. De resultaten van de verschillende stappen in zijn onderzoek legde hij telkens vast op plaat. Inmiddels zijn er dat meer dan tweehonderd. Bij hem zijn het wel niet bepaald kleine kruimeltjes. Bij elke cd hoort een boekje, zeker met deze materie, maar bij Savall zijn dat "boekjes" van enkele honderden bladzijden. En met één cd kom je bij hem ook niet weg, het zijn er doorgaans twee of drie of meer. Niet elke platenmaatschappij zit daarom te springen, dus heeft hij gewoon zijn eigen label opgericht, Alia Vox. "Half werk" staat niet in zijn woordenboek.

Een tot de verbeelding sprekend voorbeeld is "Paraísos perdidos" ("Lost Paradises"). De aanleiding was een oud, stoffig boek dat zijn aandacht trok toen hij voor iets anders in de bibliotheek van Gran Canaria zat te snuffelen. Dat boek bevatte liederen van de matrozen van Christoforus Columbus, zangen van de meereizende monniken en ook muziek van de volkeren die ze in "Indië" (dus Amerika) aantroffen. Savall was meteen gefascineerd door dit 500 jaar oude materiaal en hij begon het allemaal uit te spitten. Lang verhaal kort: in 2006 verscheen het "audio-boek" met 2 cd's en 271 pagina's met tekst en uitleg. Het hele leven van Columbus wordt bezongen, met onder meer een gedicht in het Nahuatl, de taal van de oorspronkelijke bewoners van Mexico, door Savall op muziek gezet. Maar terwijl Columbus op weg was, ging het leven in Spanje zijn "gewone" gang. In 1492 werden bijvoorbeeld de Joden uit het land verdreven. De echo daarvan staat óók op de cd's, in de vorm van een klaagzang in het Sefardisch. Het hele project is inderdaad opgezet als een soort eerbetoon aan al die verschillende volkeren die in die bewogen eeuw naast en met elkaar leefden, maar die elkaar ook heel wat pijn en onrecht aandeden. "We mogen de geschiedenis niet vergeten", zegt Savall.

De muziek wordt uitgevoerd door Hespèrion XXI , een ensemble dat hij al in 1974 had opgericht, samen met zijn echtgenote, de sopraan Montserrat Figueras (1942-2011). De opdracht van Hespèrion XXI was om de Oude Muziek binnen te loodsen in de Twintigste Eeuw (toen heette het nog "Hespèrion XX" maar in 2000 werd er daar een streepje achter getrokken).

Met de naam "Hespèrion" hebben we alvast een eerste "Greek connection" te pakken. Een kleintje, maar toch. Het woord "Εσπερία" betekent "West-Europa", maar de Grieken van vandaag denken dan eerder aan de cultuur van die regio, en minder aan de ligging. Voor de Oude Grieken was dat anders. Met dit "avondland" bedoelden zij wel degelijk het Italiaanse en Iberische schiereiland. Ook Jordi Savall zelf is dus een inwoner van Hesperia. Voor de Oude Grieken was dat ver weg en haast onbereikbaar, net als de Oude Muziek voor de mensen van vandaag. Dat is precies waar Savall en zijn ensemble iets willen aan doen, en dat aspect zit ook in de naam verwerkt. Ze zijn alvast goed bezig.

Een recent "audio-boek" van hen is "Le Voyage d’Ibn Battuta". Deze Marokkaanse geleerde leefde van 1304 tot 1368 (of 1369), en dertig jaar van die tijd besteedde hij aan reizen, kris-kras doorheen de hele wereld van toen. Als goede Moslim begon hij met een reis naar Mekka. Dat was op zich al een hele onderneming, langsheen de hele noordkust van Afrika, maar dan trok hij nog verder: Irak, Iran, Arabië, Somalië, Tanzanië, ... Daarna via Jeruzalem, Antalya, Bursa, en Smyrna naar Constantinopel. Daar arriveerde hij in 1332 of zo, dus toen het machtige Byzantijnse Rijk al aan zijn nadagen bezig was. Hij bleef er een tijdje, maar dan ging het weer verder: Afghanistan, Indië en zo verder naar China. Om af te ronden reisde hij nog een jaar of vijf doorheen het Noord-Afrikaanse vasteland.

In 1354, met zowat 120.000 kilometer op de teller, was deze "Moslim Marco Polo" eindelijk weer thuis en hij dicteerde zijn memoires. Die staan vol met anekdotes en beschrijvingen van plaatselijke gebruiken, klederdrachten enzovoorts. Toch werden ze in het Westen pas "ontdekt" in de Negentiende Eeuw (en daar natuurlijk eerst op ongeloof onthaald).

Jordi Savall zette een groot aantal fragmenten uit die memoires op muziek, zocht wat aanvullend materiaal bij elkaar en vulde daarmee twee cd's en een "boekje" van 386 pagina's. Het verscheen in 2019.

Je zou je kunnen afvragen wat dit met Oude Muziek te maken heeft, tot je bedenkt dat de Ottomaanse cultuur daarop (minstens) evenveel invloed had als de Angelsaksische cultuur op de Westerse pop van vandaag. Kromme vergelijking? Misschien, maar dan is er nog altijd de "rode draad" in het werk van Jordi Savall : zijn zoektocht naar datgene wat mensen uit verschillende culturen met elkaar verbindt. Dat blijkt duidelijk uit de tracklist van deze cd's. Ook in het reisverhaal van Ibn Battuta zocht hij kennelijk naar raakvlakken tussen "zijn" Avondland en de wereld van de uitdeinende Islam, waar het boek over vertelt. En die raakvlakken zijn er volop, zelfs met alleen maar Griekse oogkleppen op. Wie thuis is in de instrumenten van de traditionele Griekse volksmuziek herkent meteen namen als outi , kanonaki , kaval , ney , ... En het is Savall niet ontgaan dat de reis ook Klein-Azië en Byzantium aandeed. Ook Byzantium had een impact op de toenmalige Westerse wereld. De "Greek connection" ligt dan voor het grijpen: een Byzantijnse hymne, een Griekse miroloi uit Klein-Azië over de dood van (de echte) Marco Polo (in 1324), of een traditioneel Grieks liedje, gezongen door ... Katerina Papadopoulou .

Want inderdaad, voor al zijn projecten omringt Jordi Savall zich met muzikanten van topniveau uit de verschillende genres die daar aan bod komen. Geen wonder dus dat Katerina Papadopoulou al sinds 2013 één van zijn vaste medewerkers is. Ze zong bijvoorbeeld mee op "Mare Nostrum" (waar ze op de cover staat als "Aikaterini"), en ze werkte mee aan “Esprit des Balkans”, aan “Pélérinages de l‘ âme” en aan nog een paar andere "avonturen" van Jordi Savall. Met hem reist ze ook de hele moderne wereld rond, nu al bijna tien jaar lang.

En nu komt ze dus mee met hem naar Brussel om zijn project "Bal-Kan" voor te stellen.

Het idee voor dit project ontstond ergens in 2012. De aanleiding was een concert van Jordi Savall ter herdenking van het Beleg van Sarajevo. Dat beleg duurde van april 1992 tot februari 1996 en het eiste 12.000 mensenlevens. Het was een triest voorbeeld van wat de verschillende bevolkingsgroepen op de Balkan elkaar kunnen aandoen. Savall wilde bewijzen dat het ook anders kan, en hij nodigde allerlei muzikanten uit: Bosniërs, Serviërs, Armeniërs, Sefarden, Turken, Grieken en nog een paar anderen. Met al zijn verschillende projecten wist hij goed waar hij moest aankloppen om de nodige specialisten te vinden.

Zijn genodigden waren uiteraard blij dat ze mochten meedoen, maar de meesten hadden nog nooit samen gespeeld en in het begin zaten ze wat onwennig bij elkaar op het podium. Dat duurde niet lang. Al na een uurtje of wat repeteren begonnen de vonken over te slaan. Ze ontdekten dat ze in wezen dezelfde taal spraken: muziek.

Het hielp natuurlijk wel dat al die verschillende soorten muziek toch heel wat met elkaar gemeen hebben - net als de mensen trouwens. Voor Jordi Savall zal dat allicht niet als een verrassing gekomen zijn, en misschien was er hier wel sprake van "voorbedachte rade". Maar toch was ook hij voldoende onder de indruk om te weten dat hij zichzelf alweer met een nieuw project had opgezadeld. Niet dat hij dat erg vond of zo.

Twee jaar later, in 2014, verscheen het resultaat. Drie cd's met bijna vier uur muziek en een "boekje" van meer dan 600 bladzijden, samen goed voor iets meer dan een kilogram, hardcover inbegrepen.

De titel, "Bal-Kan", is één van de mogelijke verklaringen voor de naam van het schiereiland. Het zou dan een samenstelling zijn van de twee Turkse woorden "bal" (honing) en "kan" (bloed). Toen het Ottomaanse Rijk uitdeinde, veroverde het ook de Balkan. De nieuwe heersers zouden onder de indruk geweest zijn van de schoonheid van het landschap, om later een koude douche te krijgen toen bleek dat hun nieuwe onderdanen niet van de poes waren.

Bij de medewerkers op de cover zijn er een paar opvallende namen, zoals de Belgische violist Tcha Limberger. Hij zingt en speelt een Roemeens zigeunerliedje.

Bij de Grieken vinden we bijvoorbeeld de Kretenzische lyra-speler Zacharias Spyridakis . Ook Irini Derébeï is aanwezig. Zij is eveneens een Kretenzische maar hier zingt ze een Epirotisch liedje en ook een paar Cypriotische traditionals. Enkele daarvan zingt ze samen met een Turk. Ze weven eigenlijk twee liedjes door elkaar heen: dezelfde melodie maar andere woorden. Daar zijn nog meer voorbeelden van te vinden op "Bal-Kan" - en op de Balkan (zonder koppelteken) is het inderdaad een veel voorkomend verschijnsel. Alleen jammer dat er dan vaak hevige discussies ontstaan over wiens liedje het nu eigenlijk wel is. Maar niet op "Bal-Kan" dus, daar is het allemaal koek en honing.

Katerina Papadopoulou was er toen nog niet bij, zij kwam pas iets later aan boord. Maar sindsdien gaat zij (bijna) overal mee als Jordi Savall het - succesrijke - project gaat voorstellen, net als Tcha Limberger trouwens. Om maar één voorbeeld te noemen: in april van dit jaar (2021) hadden ze eigenlijk met z'n allen moeten optreden in de prestigieuze Carnegie Hall in New York, maar dat concert werd afgelast. U wint geen prijs als u kunt raden waarom.

Irini Derébeï komt niet mee naar Brussel, maar Zacharias Spyridakis misschien wel, en Tcha Limberger zal er zeker bij zijn.

We weten (nog) niet of Dimitris Psonis ( Δημήτρης Ψώνης ) ook meekomt, maar toch mag hij hier niet onvermeld blijven, vonden wij. Hij is immers al meer dan twintig jaar lang een vaste medewerker van Jordi Savall.

Hij werd in Athene geboren in 1961, en zoals gebruikelijk voor mensen met talent ging hij zich al heel jong met muziek bezig houden: gitaarles vanaf zijn elfde, santouri vanaf zijn achttiende. In 1982 vervoegde hij met zijn santouri de historische groep " Opisthodromiki Kompania ". Hij speelt er ook contrabas, bouzouki , baglamas en marimba. De zangeres van de groep was Eleftheria Arvanitaki , toen nog aan het prille begin van haar carrière. Een aantal van de albums en concerten waar Dimitris Psonis aan meewerkte zijn mijlpalen in de Griekse muziekgeschiedenis geworden.

In 1985 ging de groep uit elkaar, maar Dimitris Psonis was al een jaar eerder naar Spanje vertrokken om daar percussie te gaan studeren aan het Conservatorium van Madrid.

Ongeveer tien jaar later, rond 1994, ging hij zich toeleggen op oosterse muziek. Tussendoor was hij "nog even" een diploma gaan behalen aan het Conservatorium van Amsterdam. In zijn cv staan trouwens enkele internationaal vermaarde docenten als Robert van Sice (marimba), Gary Burton (vibrafoon) en Peter Prommel (percussie).

Voor de oosterse muziek is hét adres bij uitstek natuurlijk Ross Daly . Daar werkte Dimitris Psonis mee aan een aantal opnames, samen met Kelly Thoma, Michalis Nikoloudis , Charis Lambrakis en Bijan Chemirani , maar ook met de Spaanse percussionist Pedro Estevan.

Met deze laatste maakte hij in 1997 een opmerkelijk album. Het heet "Metamorphosis - Música En El Imperio Otomano: Grecia, Bizancia, Constantinopla". De titel behoeft allicht geen vertaling. Die is in het Spaans, gewoon omdat het album in Spanje opgenomen werd. Het schijfje bevat Byzantijnse hymnen en traditionele Griekse liedjes, en ook een aantal liedjes die nieuw geschreven werden door niemand minder dan Christos Tsiamoulis . Die neemt de zang voor zijn rekening plus nog wat andere instrumenten, Pedro Estevan doet de percussie en Dimitris Psonis speelt santouri , tar , outi , tambouras en defi . Hij staat ook op de cover als ... producer.

Pedro Estevan was toen al een vaste medewerker van Jordi Savall, en het is dan allicht geen toeval dat ook Dimitris Psonis op diens radarscherm verscheen - en prompt ingelijfd werd bij "Hespèrion XXI". Dat was ergens in de periode toen die van "XX" naar "XXI" aan het verpoppen waren.

Sindsdien heeft Dimitris Psonis meegewerkt aan zowat alle projecten van Jordi Savall (onder meer aan de drie die hierboven genoemd zijn). Het is duidelijk dat hij niet alleen passief meewerkt, maar dat hij vaak achter de schermen zijn eigen bijdrage levert. Jordi Savall schat dat ook naar waarde, want hij beschouwt hem als "specialist in oosterse muziek", ook al weet hij daar zelf ook wel een paar dingen over. Hij vertelt bijvoorbeeld dat hij in 1999 bezig was aan een project rond Isabella I van Castilië, en dat Dimitris Psonis hem attent maakte op een Ottomaanse militaire mars die geschreven was naar aanleiding van de verovering van Constantinopel in 1453, toen Isabella twee jaar oud was. Die mars kwam uit de verzameling van Dimitrie Cantemir (1673-1723), de Moldavische prins en geleerde die meer dan 300 traditionele (instrumentale) muziekstukken had opgetekend in een zelf bedachte notatie. Jordi Savall kende het werk toen nog niet, maar een jaar later was hij met zijn muzikanten naar Istanbul uitgenodigd voor een concert, en na afloop kreeg hij een exemplaar van een moderne editie aangeboden. Hij was - uiteraard - meteen gefascineerd.

Zes jaar later gebruikte hij enkele van die liedjes in zijn project "Orient-Occident" (2006) en in 2009 wijdde hij er een volledig werk aan dat "Istanbul – Dimitrie Cantemir" heette. Hij had de verzameling wel aangevuld met Sefardische en Armeense liedjes, om zo de "wereld van Cantemir" te doen herleven.

De kennis en de capaciteiten van Dimitris Psonis trokken natuurlijk ook de aandacht van anderen. Zo werkte hij een aantal keer samen met de befaamde Catalaanse zangeres Maria del Mar Bonet. Maar er is meer. Arianna Savall (°1972) bijvoorbeeld is de dochter van haar vader én een appel die niet ver van de boom viel: ze zingt en ze speelt harp. Van 1997 tot 2008 was zij lid van "Hespèrion XXI" maar in 2003 begon ze parallel aan een solo-carrière, met al meteen een eerste eigen album. Haar "Bella Terra" staat vol met eigen composities (minus twee traditionele liedjes waarvoor ze wel eigen arrangementen maakte). Dimitris Psonis speelt bendir , saz , bouzouki en outi . Op haar tweede solo-album, "Peiwoh" (2009) tekent hij voor santouri , bouzouki en Kretenzische lyra . Hij gaat ook mee met haar op tournee. Zij is vrij vaak te gast in de Lage Landen, en dus zou Dimitris Psonis hier eigenlijk geen onbekende meer mogen zijn. Alleen is hij erg discreet aanwezig. Zijn spel trekt natuurlijk wel de aandacht van elke luisteraar met een beetje kennis van zaken, maar daarom blijft de naam niet noodzakelijk hangen. Dat is ook het geval als hij met Jordi Savall op stap is. Daar zit zijn naam meestal verscholen achter het etiket "Espèrion XXI". Dat is voldoende, want het ensemble als geheel heeft een stevige reputatie, en daarom worden alleen de solisten apart vermeld.

Op de cover van de cd "Synergia" ("Συνέργεια") is de naam van Dimitris Psonis dan weer wel prominent aanwezig. Logisch ook, want het is zijn eerste eigen album. Hij selecteerde een aantal traditionele Cypriotische liedjes die met elkaar een goed beeld moeten geven van de culturele rijkdom van het verdeelde eiland. Hij heeft zelf de muzikale leiding, en voor de uitvoering omringde hij zich met indrukwekkende namen als Vangelis Karípis (slagwerk) en Michalis Kouloumís (viool). Die laatste is - zoals bekend - zelf afkomstig van Cyprus. Dimitris Psonis speelt santouri , saz en laouto op dit album. Voor de outi deed hij beroep op Yurdal Tokan (°1966), een Turkse muzikant die les geeft in het Labyrint van Ross Daly . En tot spijt van wie het benijdt zijn er ook op Cyprus heel wat gemeenschappelijke elementen bij de Griekse en Turkse bevolkingsgroepen. Op "Synergia" zijn er dus een paar liedjes die afwisselend in het Turks en het Cypriotisch gezongen worden, respectievelijk door Eda Karaytuğ (°Adana 1967) en ... Katerina Papadopoulou . De titel van het album is dan zeker niet misplaatst: bij een synergie is het geheel immers altijd meer dan de som van de samenstellende delen. Jordi Savall knikte goedkeurend - en schreef het voorwoord voor het begeleidende boekje. "Synergia" verscheen in de zomer van vorig jaar (2020) bij Alia Vox, het platenlabel dat hij oprichtte.

Dus: ook al zou deze multi-instrumentalist niet zelf mee naar Brussel komen, dan zal toch minstens zijn vinger in de "Bal-Kan" pap er wel degelijk bij zijn.

En wie weet ... als Jordi Savall straks in Brussel uit het vliegtuig stapt, gaan zijn gedachten misschien terug naar zijn studentenjaren in de Belgische hoofdstad. In de jaren 1970 - toen nog een illustere onbekende - heeft hij daar inderdaad gestudeerd aan het Koninklijk Conservatorium. Zijn leraar was de Vlaamse musicus Wieland Kuijken (°Dilbeek 1938). Die gaf van 1973 tot 2003 les in Brussel, en Savall was doelgericht bij hem gaan aankloppen. Hij studeerde toen nog cello in Bazel, en hij was tijdens een bezoek aan Parijs wat gaan rondneuzen in de archieven van de Bibliothèque Nationale de France. Daar stootte hij op partituren van de Franse componist Marin Marais (1656-1728), één van de beste viola da gamba spelers uit die tijd. Savall raakte gefascineerd door dat instrument, wilde het leren spelen, zocht een specialist, en vond Wieland Kuijken. In 1976 namen die twee samen een plaat op met werken voor viola da gamba, gecomponeerd door de mysterieuze "Sieur De Sainte Colombe" (ca. 1640–1700). Die heeft een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van de viola da gamba maar er is weinig of niets over hem geweten. Meer nog: zijn voornaamste werk, een manuscript met 67 "concerts à deux violes esgales" (d.w.z. twee "gelijke" viola's) was pas in 1966 ontdekt, en toen het in 1973 uitgegeven werd, had bijna niemand ooit over hem gehoord. En zelfs dan vond men zijn composities "te moeilijk" om als concert uit te voeren. Drie jaar nadien bracht de plaat van Kuijken en Savall daar verandering in. De Franse schrijver Pascal Quignard (°1948) hoorde die opname, was onder de indruk, wilde meer weten over het instrument, en schreef een essai over muziek waar hij het onder andere had over Marin Marais, die een leerling was geweest van Sainte Colombe. Dat essai werd gelezen door de Franse regisseur Alain Corneau (1943-2010), die een film wilde gaan maken rond muziek uit de zeventiende eeuw. Hij contacteerde Quignard en die schreef prompt een roman over het leven van Sainte Colombe, inclusief een romance tussen zijn dochters en zijn leerling Marais. De schrijver en de cineast haalden er Jordi Savall bij, en samen werkten ze de roman uit tot een film. De soundtrack bestaat vooral uit werken van Sainte Colombe en Marais, geselecteerd, bewerkt en gespeeld door Jordi Savall. De hoofdrol in de film was voor Gérard Depardieu. Film en roman verschenen allebei in 1991, en "Tous les matins du monde" werd een kaskraker, met twee miljoen verkochte tickets in het eerste jaar alleen al. Hij was ook goed voor zeven "Césars" (waaronder één voor "beste filmmuziek"), en zowel schrijver als cineast kregen internationale erkenning. De soundtrack werd apart uitgebracht en ging een half miljoen keer over de toonbank. Maar de impact van de film was nóg groter: de renaissance van de barokmuziek kreeg een stevig zetje, de viola da gamba raakte bekend bij het grote publiek, en de reputatie van Jordi Savall als dé grote specialist op dit instrument was gevestigd. Voor hemzelf was het in feite nog maar het begin, maar "goed begonnen" enzovoorts. Als voorbeeld van een sneeuwbal-effect kan het alvast tellen.

Praktische gegevens
Zaterdag 18 december, 20u00 Henry Le Boeufzaal,, Bozar, Ravensteinstraat 23, 1000 Brussel (B)
Meer details op onze zaalpagina.

Tickets: € 46, € 38, € 24 of € 10. Jongeren onder de 30 betalen € 19, € 12 of € 10.

Dit concert duurt tot ca. 22 u. Het is dus moeilijk te combineren met het optreden van Monsieur Doumani op dezelfde avond maar dan in Zaal M.

Al deze concerten zijn een onderdeel van (de eerste editie van) het "See Festival".

Meer info en voorverkoop: https://www.bozar.be/nl/calendar?date=18-12-2021 .

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
 

Op de site sinds: 13/11/2021

Terug naar het begin van deze pagina.


Enkel dit evenement afdrukken

"Echos of Zoo"

Special guest: Pantelis Stoïkos

De groep "Echos of Zoo" hebben hun naam niet gestolen. Ze hebben hem integendeel zelf gemaakt, en hij past dus perfect bij datgene wat ze doen. Naar eigen zeggen willen ze "de dieren een stem geven".

Toch zal het niet daarom zijn dat ze Pantelis Stoikos ( Παντελής Στόικος ) en zijn trompet vanuit Griekenland optrommelden om een frisse wind door het project te laten waaien. Ze werkten immers al eerder samen, en dat hoeft eigenlijk niet te verbazen. Gelijkgestemde zielen zitten al snel op dezelfde golflengte, zeker in de muziek.

De vier vaste leden van "Echos of Zoo" zijn:

  • Nathan Daems : saxofoon
  • Bart Vervaeck : elektrische gitaar
  • Lieven Van Pée : elektrische bas
  • Falk Schrauwen : drums

Wat de instrumenten betreft lijkt het niet meteen een bezetting die je van een wereldmuziek-ensemble zou verwachten, maar dat klopt ook wel, want meestal worden ze in het hokje "jazz" ondergebracht. Anderzijds staat daar natuurlijk wel de naam van Nathan Daems. Vooraan in het rijtje nog wel, maar dat mag ook, want hij componeerde een flink deel van hun repertoire en hij heeft ook de muzikale leiding.

Dat resulteert in "unieke klanken die beïnvloed zijn door westerse, oriëntaalse en Afrikaanse muziek", zoals één recensent dat schreef naar aanleiding van hun recente album "Breakout". De dieren breken uit hun kooien, en ook de muziek laat zich niet ketenen.

Met iemand als Nathan Daems aan het roer zou dat ook moeilijk zijn, want "veelzijdig" is bij hem wel een understatement. Hij verscheen voor het eerst op de radar van de liefhebbers van Griekse muziek met zijn "Karsilama Quintet", een project dat opgezet werd rond de Griekse en Turkse zigeunermuziek. Dat ging in december 2014 in première maar nadien waren er nog frequent allerlei andere optredens.

Aan dat quintet werkten, naast Tcha Limberger, ook Dimos Vougioukas mee. Die had in die periode nog een ander ensemble - en dat is alweer een understatement, want het zijn er een heleboel. Maar interessant is hier het "Balkania" duo, met hemzelf op accordeon en ... Pantelis Stoikos op trompet. Naar aanleiding van hun eerste optreden in december 2012 vertelden we u uitgebreid over Stoikos . We schreven onder meer dat hij - toen al - beschouwd werd als één van de meest productieve trompettisten van de hele Balkan, en ook dat hij een hekel heeft aan etiketten en hokjes.

Daarmee zijn we dan weer terug bij Nathan Daems. Het was inderdaad haast onvermijdelijk dat die twee "gelijkgestemde zielen" elkaar zouden vinden - en dan zeker in de kleine wereld van de wereldmuziek in Brussel en omstreken. Vandaar dat het niet de eerste keer is dat Pantelis Stoikos de gast is van "Echos of Zoo". Het zal allicht ook niet de laatste keer zijn, want volgens onze informatie zou er van dit optreden een cd uitgebracht worden, en daar volgen dan weer nieuwe optredens uit, enzovoorts. Wordt dus vervolgd.

Praktische gegevens
Vrijdag 17 december, 22u00 Zaal M,, PSK (Bozar), Ravensteinstraat 23, 1000 Brussel (B)
Meer details op onze zaalpagina.

Let op: het lijkt er op dat dit optreden "geruisloos" afgeblazen werd. Op dit moment (dwz 25.11.2021) is het in elk geval verdwenen van de website van de Bozar.

Tickets: € 18 (jongeren onder de 30 jaar: € 10).

Dit is een ticket voor de hele avond. Vóór het concert van "Echos of Zoo" is er immers nog een optreden van het "Arcus quartet" (van 20u tot 21u30).

Deze avond is inderdaad een onderdeel van (de eerste editie van) het "See Festival". De dag nadien zijn er nog (elkaar overlappende) optredens van "Monsieur Doumani" (21u30 tot 23u) en Jordi Savall (20u tot 22u) .

Meer info en voorverkoop: https://www.bozar.be/nl/calendar?date=17-12-2021 .

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
 

Op de site sinds: 13/11/2021

Terug naar het begin van deze pagina.


Enkel dit evenement afdrukken

"Mikis Theodorakis 1925 - 2021"

Herdenkingsconcert met Elina en Maria Markatatou

De Kretenzische zusjes Maria en Elina Markatatou kwamen enkele jaren geleden naar Antwerpen om daar klassieke mandoline te gaan studeren aan het Koninklijk Conservatorium. Sindsdien deden ze al vaak van zich spreken.

Nu brengen ze een herdenkingsconcert voor Mikis Theodorakis , die in september van dit jaar overleed.

Veel uitleg is daar allicht niet bij nodig. De hele wereld kent hem en zijn muziek.

Zoals gewoonlijk krijgen de zusjes de hulp van een aantal collega's.

Voor dit concert spelen ze in de volgende bezetting:

  • Elina Markatatou : mandoline
  • Gerda Abts : mandoline
  • Maria Markatatou : gitaar , laouto
  • Sandra Vives Caudeli : fluit
  • Beatriz Laborda Gonzalez : cello
  • Zaira Nikolakopoulou Papadimitriou : zang
  • Vaggelis Papaefstathiou : zang

De meesten zijn oude bekenden, onder meer omdat ze meewerken aan het "BelGriego" project.

Een opvallende naam is die van Gerda Abts. Het is zij die mandoline doceert in Antwerpen en ze heeft de reputatie dat ze niet gauw tevreden is. Als zij dan nog altijd met haar (ex-)studenten meespeelt, dan ligt de conclusie allicht voor de hand...

Praktische gegevens
Zondag 12 december, 19u00, MuziekEnWoordAcademie, Schoolstraat 44, 2970 Schilde (B)

Tickets: € 20 (gratis voor kinderen onder de 12 jaar).

Reserveren per e-mail naar [aanvragen e-mail adres] of telefonisch op 0494/305379 .

Let op: het aantal plaatsen is beperkt en de inschrijvingen worden afgesloten op vrijdag 10 december .

Meer info : https://markatatou.com/ .

Een computer-gegenereerde routeplanning is beschikbaar. (opent in nieuw venster)

 
 

Op de site sinds: 16/11/2021

Terug naar het begin van deze pagina.


Valid XHTML 1.0 Strict!

[Home]  [Nieuws]  [Agenda]  [Overzicht]  [Praktisch]  [Achtergrond]

Please contact our Webmaster with questions or comments.